Een polis zit vol vaktaal. Deze woordenlijst legt meer dan 60 begrippen uit in gewone woorden, alfabetisch geordend. Wat een begrip in jouw polis precies betekent, staat in je algemene voorwaarden, want die gaan voor. Heb je een term niet gevonden, lees dan ook wat is een brandverzekering en wat dekt een brandverzekering.
Kort samengevat
- Meer dan 60 begrippen, alfabetisch geordend van A tot Z.
- De algemene voorwaarden van je polis bepalen wat een term precies betekent.
- Een vrijstelling is het deel van de schade dat je zelf betaalt.
- De evenredigheidsregel vermindert de vergoeding als je verzekerd kapitaal te laag is.
- De ABEX-index volgt de bouwkosten en wordt gebruikt om het kapitaal aan te passen.
A en B
Aangifte: Het melden van een schade aan de verzekeraar, of van een diefstal aan de politie.
Aanrijding: Schade doordat een voertuig of voorwerp tegen de woning botst. Vaak vermeld als gedekte gebeurtenis.
Aansprakelijkheid: De plicht om schade aan een ander te vergoeden. Voor huurders zie huurdersaansprakelijkheid uitgelegd.
ABEX-index: Een index die de evolutie van de bouwkosten volgt. Het verzekerde kapitaal van het gebouw wordt er vaak mee aangepast. Zie verzekerd kapitaal en ABEX-index.
Algemene voorwaarden: Het document met de gemeenschappelijke regels van een polis, zoals wat gedekt is en wat niet.
Alle-risicodekking: Een dekking voor materiële schade door plotselinge, onvoorziene gebeurtenissen, ruimer dan een lijst van benoemde gevaren, met uitsluitingen in de voorwaarden.
Basisakte: De akte die een gebouw met mede-eigendom opdeelt in privatieve en gemene delen. Zie mede-eigendom en brandverzekering.
Begunstigde: De persoon of instelling aan wie de vergoeding uitbetaald wordt, bijvoorbeeld een kredietgever.
Bijstand: Hulp na een schadegeval, zoals noodherstelling of tijdelijke opvang, vaak 24 uur op 24 beschikbaar.
Bliksem: Een natuurverschijnsel dat schade aan de woning of toestellen kan veroorzaken. Vaak gedekt.
Bouwgebrek: Een fout in de constructie. Kan een reden zijn voor een uitsluiting of een verhaal.
Brandverzekering: Een verzekering voor schade aan gebouw en inboedel door brand en aanverwante gevaren, meestal onderdeel van een woonverzekering.
Burenverhaal: De vergoeding van schade die brand of water bij een buur veroorzaakt, via de verzekering van de aansprakelijke.
C tot G
Dekking: Wat de verzekering vergoedt, volgens de polis.
Diefstal: Het wegnemen van goederen door een ander. Vaak een optie. Zie diefstal en inboedel.
Domotica: Slimme woningsystemen. In sommige formules uitdrukkelijk vermeld, zoals bij AXA Secure.
Elektriciteitsschade: Schade aan toestellen en installaties door overspanning of kortsluiting.
Evenredigheidsregel: Een regel die de vergoeding vermindert als het verzekerde bedrag lager is dan de werkelijke waarde.
Expert: Een deskundige die de schade en de waarde vaststelt, in opdracht van de verzekeraar of van de verzekerde.
Familiale verzekering: Een verzekering voor de burgerlijke aansprakelijkheid van het gezin. Bij DVV Cocoon Start is ze gekoppeld aan de woningverzekering.
Franchise: Een bedrag dat je zelf draagt bij schade. Een Engelse franchise vervalt als de schade groter is. Zie vrijstelling in een brandverzekering.
Gebouw: Alles wat vastzit aan de woning. Zie gebouw en inboedel.
Gemene delen: De delen van een gebouw met mede-eigendom die van iedereen zijn, zoals dak, trappenhal en lift.
Glasbreuk: Schade aan ramen of ander glas. Vaak een optie of apart vermeld.
Grondverzakking: Het zakken van de bodem onder een gebouw. Valt onder de natuurrampen die sinds maart 2006 gedekt moeten zijn.
H tot M
Hagel: Neerslag in ijsvorm die schade kan veroorzaken. Meestal gedekt onder storm.
Herbouwwaarde: Wat het kost om het gebouw opnieuw op te bouwen, de basis voor het verzekerde kapitaal.
Herstel in natura: Het herstel door een door de verzekeraar aangeduide vakman, in plaats van een geldbedrag. Bij DVV Cocoon Flex valt er dan volgens DVV geen vrijstelling.
Huurdersaansprakelijkheid: De aansprakelijkheid van een huurder voor brand en waterschade aan de huurwoning.
Inboedel: Alles wat je kan meenemen als je verhuist, zoals meubels en kleding.
Indexering: De aanpassing van bedragen aan een index.
Informatiedocument: Een document dat de verzekeraar moet geven met de belangrijkste kenmerken van de polis.
Kapitaal: Het verzekerde bedrag.
Klachtendienst: De dienst van de verzekeraar waar je een klacht indient. Daarna kan je naar de Ombudsman van de Verzekeringen.
Kredietgever: De bank of instelling die een woningkrediet geeft en vaak een brandverzekering vraagt.
Lekdetectie: Het opsporen van een waterlek, soms als dienst vermeld bij schadeaangifte.
Looptijd: De duur van een contract, vaak één jaar met stilzwijgende verlenging.
Maximumbedrag: De bovengrens van een vergoeding, bijvoorbeeld per categorie.
Mede-eigenaar: Iemand die een deel van een gebouw bezit met een aandeel in de gemene delen.
Mede-eigendom: Een gebouw met meerdere eigenaars. Zie mede-eigendom en brandverzekering.
N tot R
Natuurramp: Overstroming, aardbeving van natuurlijke oorsprong, aardverschuiving en het overlopen of opstuwen van openbare riolen. Zie natuurrampen en je brandverzekering.
Nieuwwaarde: De waarde van een voorwerp als nieuw, zonder aftrek voor slijtage.
Ombudsman van de Verzekeringen: Een onafhankelijke dienst die klachten over verzekeringen behandelt.
Onbewoonbaarheid: De toestand waarin je niet in de woning kan wonen na een schade. Soms is tijdelijke huisvesting inbegrepen.
Onderverzekering: Een verzekerd bedrag dat lager is dan de werkelijke waarde.
Opzegging: Het beëindigen van een contract. Zie brandverzekering opzeggen of overstappen.
Overspanning: Een te hoge elektrische spanning die toestellen beschadigt.
Polis: Het contract tussen jou en de verzekeraar.
Premie: Het bedrag dat je betaalt voor de verzekering. Zie premie van een brandverzekering.
Privatieve delen: De delen die jou alleen toebehoren in een gebouw met mede-eigendom.
Proces-verbaal: Het verslag van de politie na aangifte, vaak nodig bij diefstal.
Rechtsbijstand: Een dekking voor advocaat- en proceskosten bij een geschil.
Rioolopstuwing: Het opstuwen van openbare riolen, een natuurramp die gedekt moet zijn.
Rookschade: Schade door rook en roet, ook buiten de plek van de brand.
S tot Z
Schadedossier: Alle stukken over een schadegeval, zoals foto’s, facturen en verslagen.
Schadevergoeding: Wat je ontvangt na een gedekte schade.
Stilzwijgende verlenging: De automatische verlenging van een contract, tenzij je tijdig opzegt.
Storm: Een zware wind, in de polis meestal gedefinieerd via een windsnelheid.
Syndicus: De beheerder van een gebouw met mede-eigendom, die onder meer de verzekering regelt.
Uitsluiting: Een situatie die niet gedekt is, zoals opzettelijke schade.
Vandalisme: Opzettelijke beschadiging door een derde.
Verbetering door de huurder: Een aanpassing die een huurder aanbrengt en die in sommige polissen gedekt is.
Verhaal: Het terugvorderen van een betaalde schade bij de verantwoordelijke.
Verzekerd kapitaal: Het bedrag waarvoor het gebouw of de inboedel verzekerd is.
Verzekeringnemer: De persoon die het contract sluit.
Vrijstelling: Het deel van de schade dat je zelf betaalt. Zie vrijstelling in een brandverzekering.
Waterschade: Schade door water uit leidingen, toestellen of regen. Zie waterschade en je brandverzekering.
Zaakschade: Materiële schade aan goederen, in tegenstelling tot lichamelijke schade.
Goed om te weten Veel mensen gebruiken franchise en vrijstelling door elkaar. Het verschil zit in wat er gebeurt bij grote schade: bij een Engelse franchise vervalt het bedrag als de schade groter is dan de franchise, bij een klassieke vrijstelling blijf je het bedrag altijd zelf dragen.
Aanbieders in België
Begrippen komen terug in de officiële informatie van de aanbieders. AXA beschrijft bij Comfort Thuis drie formules, van Essential tot Premium met alle-risicodekking. DVV onderscheidt een Engels franchisesysteem bij Cocoon Start en een klassieke franchise bij Cocoon Flex. KBC vermeldt dat de Woningpolis jaarlijks stilzwijgend verlengd wordt, met opzeg twee maanden voor de vervaldag.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen franchise en vrijstelling?
In de praktijk gebruiken veel mensen ze door elkaar. Een vrijstelling is een bedrag dat je zelf draagt, een Engelse franchise vervalt als de schade groter is dan het bedrag.
Wat is de evenredigheidsregel?
Een regel die de vergoeding vermindert als je verzekerd kapitaal te laag is.
Wat betekent verzekerd kapitaal?
Het bedrag waarvoor je gebouw of inboedel verzekerd is.
Wat is ABEX?
Een index van de bouwkosten, gebruikt om het kapitaal aan te passen.
Wie bepaalt wat een term betekent?
De algemene voorwaarden van je polis. Bij twijfel vraag je het aan de verzekeraar.
Waar kan ik klacht indienen?
Eerst bij de klachtendienst van de verzekeraar, daarna bij de Ombudsman van de Verzekeringen.
Verder lezen
Wil je een begrip in zijn context lezen, ga dan naar premie van een brandverzekering, schade melden of de kennisbank. Hieronder vind je de aanbieders alfabetisch.